Door Joris Leijten.
Wie aan Vrede denkt, denkt vaak aan grote wereldpolitiek. Aan oorlog en geweld. Amerika tegen Iran en Rusland tegenover Oekraïne. Je zou denken dat gewone kinderen en grote mensen daarom niets kunnen doen om Vrede te bevorderen.
Dat is niet het geval. Iemand gedag zeggen, iets delen, iemand laten winnen en liefde geven is een vorm van vrede. De ruzies op het schoolplein, schelden en discriminatie van jongens tegenover meisjes bijvoorbeeld is een kleine vorm van werelds negatieve geweld. Oorlog op kleine schaal dat kunnen we met vrede oplossen en voorkomen.
Als we in ons dagelijks leven vrede toepassen, dit uitdragen en delen, krijgen we in en om ons huis een positieve vredessfeer.
Meisje Bloem zit in alle verhaaltjes alleen op haar zolder. Je zou denken dat ze daar niets voor de vrede zou kunnen doen. In verschillende verhalen komt naar buiten dat Meisje Bloem op de zolder nadenkt over het uitdragen van liefde, verdraagzaamheid en dat is, hoewel ze het niet vrede noemt: vrede.
Ze denkt na over de ruzie met Lara die haar een frikandel noemt en zij Lara soepkip en reageert uiteindelijk met : ‘Als je boos bent, wil je dat die ander zegt: “Ik heb mij vergist.” ’ (40. De zakdoek). Meisje Bloem wapent zich wel tegen geweld. Meisje Bloem vindt op zolder een harnas. Ze doet de ijzeren jas aan en zet de helm op haar hoofd. ‘Het is zwaar’, zegt ze. Meisje Bloem kan er bijna niet mee lopen en ze kan ook bijna niets zien. ‘ Niemand kan me pijn doen’, zegt ze. ‘Met deze ijzeren kleren aan ben ik niet meer bang.’ Meisje Bloem denkt na over bescherming. ‘Bescherming is een muurtje tussen mij en iemand die mij pijn wil doen. Dat muurtje houdt tegen wat ik niet leuk vind. Achter dat muurtje ben ik veilig.’ Een harnas is praktisch om je te beschermen maar heeft ook nadelen.
Meisje Bloem voelt zich beschermd, maar ze vraagt zich af: hoe geeft ik je nu een zoen? Meisje Bloem denkt dat dat niet kan. Dat vindt zij niet leuk, daarom twijfelt ze. En zegt: ‘Misschien moet ik deze zware kleren toch niet gebruiken.’(41. Het Harnas) Juist, Meisje Bloem in plaats van je te wapenen kun je ook voor de zoen kiezen en zo vrede maken.
Eind oktober komt bij Joleijt in samenwerking met de Vredeswerkgroep Nijmegen het boekje “Vrede maken. Doe je mee?” uit.
Opnieuw geschreven en getekend door Clémence Leijten en mij. Het zijn 8 losse daagse vredesverhaaltjes die gebundeld kunnen worden, die kunnen worden gekleurd en waarin ook ruimte is om zelf te tekenen en te schrijven. Het is een vervolg op onze leesboekjes over Hidde. Hidde heeft inmiddels vrienden Moh en Noor. In vrede leven dat gaat niet vanzelf. Dat moet je oefenen. Hidde, Noor en Moh oefenen de hele dag als ze met elkaar spelen, als zij omgaan met grote mensen, als ze boos, verdrietig of jaloers zijn en van daaruit doen, leren ze wat er gebeurt. In dit boekje staan voorbeelden. Om (voor) te lezen en over te praten. We willen later nog nieuwe verhaaltjes toevoegen met wat wij noemen praktische “Vredestips”¹.
Zelf vind ik het symbolisch dat Meisje Bloem, Bloem heet. Een Bloem geeft letterlijk zaadjes en verspreidt deze over de aarde om zich te vermeerderen. Haar ideeën zijn de “zaadjes” die vredestips zijn. Er ontstaan nieuwe gedachten. ‘Maar Bloem, wat is dat dan, ontstaan? Meisje Bloem denkt na over ontstaan. Meisje Bloem zegt: ‘Ontstaan is dat iets begint. Iets dat er nog niet is geweest. Meisje Bloem zegt: ‘Een mens kan beginnen, en een dier, en een plant. Maar ook een plannetje. En ook vriend worden met iemand.’ (27. De zaadjes) We kunnen allemaal vredestips ‘zaaien’ in de wereld net als Meisje Bloem. Zo ‘ontstaat’ vrede, Doe jij mee?
¹ Clémence Leijten en Joris Leijten “Vrede maken. Doe je mee?,”(2026) Uitgave Joleijt, Nijmegen.