Bloemetje 51. Vertrouwen

Door Clémence Leijten.

Er is een boek, een prentenboek Een boek dat mij bezighoudt omdat het vertelt hoe een kind denkt en voelt in relatie met alles om hem heen. Het gaat over een meisje. Ze heet Bloem.“Bloem” noemde haar vader haar omdat ze werd geboren op de eerste dag van de lente. “Word maar een mooie bloem”, zei hij.(1. Meisje Bloem) Meisje Bloemis een prentenboek voor kinderen, maar eigenlijk ook voor grote mensen, omdat het kinderen maar ook grote mensen aan het denken zet. Op zolder waar ze ongestoord zichzelf kan zijn, vindt Meisje Bloem dozen met spulletjes. Ze maakt in dit prentenboek verhalen bij die spullen. Die soms ontroerend zijn, soms verrassend, maar altijd geven ze een beeld van een meisje met een eigen kijk op de wereld.

Meisje Bloem vindt in dozen op zolder spullen die haar ouders hebben bewaard. Die spullen vertellen haar over lang geleden, maar ze ontdekt door hen ook wie zij zelf is. Het spoort haar aan verder na te denken en nieuwe verrassende dingen te doen. Meisje Bloem groeit van de spullen die zij vindt. Meisje Bloem kiest haar eigen weg. Ze is een originele denker. Dat komen we te weten door wat ze zegt over woorden die haar opvallen. “Eigen weg”, zegt ze, “is als je wilt slapen met je hoofd op de plek van je voeten.” (1. Meisje Bloem) Ik mocht toen ik jong was van mijn moeder niet slapen met mijn hoofd op de plek van mijn voeten. Waarom eigenlijk niet? Het hoorde niet dus ging dat slapen met mijn hoofd op de plek van mijn voeten niet door. Terwijl ik zelf behoefte had aan een ander zicht op de kamer waar ik sliep. Want vanuit die andere positie kon ik het schilderij zien boven mijn bed, hing de lamp boven mijn hoofd als een zon. Het voelde anders ook; nieuw. En daar was ik op uit, op dingen die nieuw waren. Nieuwe dingen die ik kon ontdekken. Met mijn wens vroeg ik aan mijn ouders ruimte om te mogen ontdekken en te mogen ervaren, maar die kreeg ik niet.

De opvoeding van mijn ouders was gericht op: doen wat alle mensen doen; op aanpassen aan de heersende norm: iedereen legt zijn hoofd te slapen tegen een muur en niet ergens midden in de kamer. Toen ik zelf kinderen kreeg, speelde bij mij levensgroot de vraag: waarom, waarom een kind weerhouden van zijn wensen, terwijl het ontdekken zo eigen is aan kinderen en kinderen gelukkig nog, anders dan wij volwassenen, zichzelf (kunnen) zijn? De wens om te slapen met mijn hoofd op te plaats van mijn voeten, kwam uit mezelf: ik wilde dat graag en dat had ook een wezenlijke functie, weet ik nu; een kind groeit immers van zijn ontdekkingen. De vader van Meisje Bloem zegt tegen zijn dochter die net geboren is: “Word maar een mooie bloem”,daarmee zegt haar vader groei maar en ontdek en ontplooi wie je bent. Dat is een mooie geste van de vader en wijs, vanuit mijn standpunt.

Als ik door mijmer over elk van die verhaaltjes en haar gebeurtenissen betrek op mijzelf, heb ik een basis voor hoe de opvoeding van mijn ouders anders kon, sterker gezegd anders geweest zou moeten zijn in mijn opinie. En ik besloot die mijmeringen op te schrijven. Het resulteerde in deze blogs, die werden gepubliceerd op de website www.meisjebloem.nl onder de naam “Bloemetjes”.

Laat ik de essentie van mijn blogs hier samenvatten met te zeggen dat ik de overtuiging heb dat mijn kind een eigen persoonlijkheid is, dat recht heeft op zijn eigen plaats, zijn eigen taak, zijn eigen verantwoordelijkheid, met zijn eigen wil en zijn eigen verlangens. Omdat ik dat weet, dat mijn kind een individu op zich zelf is en ik naar hem kan luisteren, kan ik ook waarnemen, dat mijn kind zelf oplossingen zoekt voor zijn problemen en dat hij dat beter doet, als ik als volwassene duidelijk weet te maken dat ik daar alle vertrouwen in heb. Ik geef mijn kind; ik geef alle kinderen op de wereld, dit vertrouwen.